Munro-bagging en bothies brengen avontuurlijke wandelaars naar het ruwe hart van Schotland: het plannen van beklimmingen, het respecteren van ongerepte natuur en het delen van eenvoudige onderkomens. Tussen toppen, sporen van geschiedenis en stille hutten ontstaan verhalen over voorbereiding, zelfredzaamheid en bergetiquette die iedereen die de toppen zoekt raakt.
Waarom Munro-bagging en bothies fascinerend zijn

Er is iets magnetisch aan het idee van Munro-bagging: het doelgerichte streven naar één top na de andere geeft een duidelijke focus aan elke tocht, terwijl de toppen zelf steeds nieuwe technische en mentale uitdagingen bieden. Het terrein kan variëren van scherpe richelpaden tot zacht golvende heide en elk type vraagt om andere vaardigheden en aandacht. Die variatie maakt dat iedere beklimming anders voelt; zelfs bekende bergen tonen telkens andere gezichten afhankelijk van licht, seizoen en wind. Voor velen ligt de aantrekkingskracht juist in die voortdurende onvoorspelbaarheid: je bereidt je zorgvuldig voor, maar de berg blijft bepalend.
De afgelegen hooglanden bieden een stilte die in onze drukke wereld zeldzaam is. Zonder het constante achtergrondgeluid van verkeer en stadsleven worden kleine details hoorbaar: het zachte kabbelen van een bergbeek, het kraken van steen onder schoenen, het fluiten van wind over lege moorland. Die stilte nodigt uit tot reflectie en stelt je in staat de omgeving op een dieper niveau te ervaren. Tegelijkertijd kan die rust ook intens zijn; in slecht weer of bij lange afstanden word je geconfronteerd met je eigen grenzen en met de onverbiddelijke elementen, wat zowel uitdagen als nederig maakt.
Bothies voegen daar een menselijke dimensie aan toe. Deze eenvoudige, vaak onbewaakte hutten zijn geen luxe, maar juist die soberheid creëert ruimte voor verhalen. Wandelaar ontmoet wandelaar bij het haardvuur of in het logboek en er ontstaan uitwisselingen over routes, reddingen en persoonlijke ontdekkingen. De bothy-cultuur is doordrenkt van geschiedenis: sommige hutten staan al eeuwenlang op dezelfde plek en dragen sporen van generaties die het land doorkruisten. Die mengeling van avontuur, puurheid en verbondenheid is precies wat Munro-bagging en bothies zo intrigerend maakt, en het nodigt uit om telkens weer terug te keren naar die open, ruige stilte en de eenvoudige warmte van gedeelde verhalen.
Wat is een Munro?

Een Munro is een Schotse berg waarvan de top hoger is dan 3.000 voet, dat is ongeveer 914,4 meter. De term verwijst naar de categorie die ontstond toen Sir Hugh Munro aan het eind van de 19e eeuw systematisch alle toppen boven die grens in kaart bracht en publiceerde in wat bekend werd als Munro's Tables. Zijn inventaris was baanbrekend omdat het wandelen in de Schotse hooglanden een nieuw, meetbaar doel gaf, al liet Munro bewust ruimte voor discussie over welke toppen als zelfstandige bergen of als bijtoppen moesten worden gezien.
Tegenwoordig worden de lijsten en definities bijgehouden door de Scottish Mountaineering Club, die in de loop der jaren kleine aanpassingen en herclassificaties heeft doorgevoerd. De gangbare telling komt uit op 282 Munros, naast een reeks zogenaamde Munro Tops die lagere of minder prominente neventoppen aanduiden. Die cijfers en indelingen zijn onderwerp van aandacht voor kaartlezers en bergliefhebbers, maar de essentie blijft hetzelfde: een Munro is meer dan alleen een hoogte-eis; het is een herkenningspunt in een traditie van bergwandelen.
De populariteit van Munros zit niet enkel in de fysieke uitdaging van het bereiken van een top, maar ook in de culturele betekenis die eraan kleeft. Munro-bagging biedt een duidelijke, persoonlijke doelstelling en stimuleert zowel solitaire tochten als groepsavonturen. De variatie in terrein — van zachte bergruggen tot ruige, steenige toppen — maakt elke beklimming anders, en het bijhouden van voltooide Munros geeft veel wandelaars een tastbaar geheugen van behaalde prestaties. Daarnaast draagt de lange geschiedenis van de lijsten en de gemeenschappen rondom kaartlezing, verhalen en bothy-bezoeken bij aan de charme en blijvende aantrekkingskracht van Munro’s.
Het fenomeen Munro-bagging

Munro-bagging gaat verder dan het simpelweg bereiken van een top; het is een mix van persoonlijk doel, nieuwsgierigheid naar het landschap en de drang naar avontuur. Voor sommigen is het een sportieve uitdaging: fysieke grenzen verleggen en paden plannen die meerdere toppen combineren. Voor anderen ligt de aantrekkingskracht in de ontdekkingsreis zelf — het verkennen van afgelegen corries, het ervaren van veranderend licht en weer, en het verzamelen van verhalen die bij elke berg passen. De sociale kant speelt ook mee: het delen van routes, bothy-ontmoetingen en behaalde lijsten versterkt een gevoel van gemeenschap onder wandelaars.
Er bestaan verschillende benaderingen om Munros te “baggen”. Dagtochten zijn populair wanneer een enkele piek goed bereikbaar is, terwijl gevorderde baggers meerdere dagen aan één stuk lopen om ruggengraat- of ronde-routes af te werken. Sommigen kiezen voor snelle summits en terugkeer, anderen maken er meerdaagse trekkings van met overnachtingen in bothies of tenten. Wintermunro’s vormen een aparte discipline door extra technische uitdagingen en vereiste uitrusting, wat de aanpak en voorbereiding drastisch verandert. Routekeuze, timing en logistiek bepalen vaak het verschil tussen een geslaagde dag en een riskante onderneming.
Het bijhouden van beklimmingen is een ingebakken onderdeel van de cultuur. Traditionele logboeken op bergtoppen of in bothies bestaan naast moderne lijsten en online platforms waar wandelaars hun voortgang registreren en tips uitwisselen. De Scottish Mountaineering Club onderhoudt historische lijsten, maar individuele baggers hebben hun eigen systemen van bewijsvoering en herinnering, variërend van foto’s en GPS-tracks tot handgeschreven notities.
Typische uitdagingen die telkens terugkomen zijn onvoorspelbaar weer, lastige navigatie over spaarzaam gemarkeerde heide en veenmoerassen, en het inschatten van route- en tijdsduur op ruig terrein. Mist en plotselinge stormen kunnen zicht en oriëntatie wegnemen, waardoor goede kaart- en kompasvaardigheden essentieel zijn. Beslissingen over omkeren of doorzetten, het plannen van water- en voedselreserves en het anticiperen op veranderende condities zijn dagelijkse realiteit voor wie Munros serieus neemt.
Wat zijn bothies?

Bothies zijn eenvoudige, onbewaakte onderkomens verspreid over de Schotse hooglanden en andere afgelegen gebieden. Het zijn geen commerciële berghutten maar vaak voormalige boerderijen, shielings of jachtlodges die teruggegeven zijn aan een meer basale, functionele staat: een droge ruimte met een tafel, banken en soms een oude houtkachel. Many zijn opzettelijk sober gehouden; voorzieningen zoals stromend water, elektriciteit of gereserveerde slaapplaatsen ontbreken meestal, waardoor zowel de charme als de uitdaging van het gebruik voortkomt uit hun eenvoud.
Historisch ontstonden many bothies uit verlaten landbouw- of herdersgebouwen die in een tijd van afnemende bewoning geen permanente bestemming meer hadden. Wandelaars en lokale gemeenschappen begonnen deze plekken informeel te gebruiken en zo groeide een traditie van gedeeld gebruik en wederzijdse hulp in de bergen. Door die geschiedenis dragen zowelies vaak sporen van vroegere bewoners en lokale verhalen, wat ze tot meer maakt dan louter een schuilplaats: ze vormen een raakpunt tussen landschap, cultuur en wandelgemeenschap.
Er bestaan verschillende typen bothies: volledig afgesloten stenen huisjes diep in de wildernis, eenvoudige houten shelters langs routes en ruïnes die als noodonderkomen fungeren. Sommige zijn goed afgesloten en redelijk intact, andere bieden alleen een dak boven het hoofd. Kenmerkend is dat ze vrij toegankelijk zijn; boeking of betaling is niet vereist, maar verantwoordelijkheid en respect van de gebruiker wel.
Organisaties zoals de Mountain Bothies Association spelen een belangrijke rol bij het behoud van dit netwerk. Zij onderhouden, herstellen en beschermen veel bothies, geven informatie over locaties en gebruik en promoten gedragscodes die het gemeenschappelijk nut en de veiligheid waarborgen. Dankzij hun inzet blijven these stille, sobere hutten beschikbaar voor generatie na generatie wandelaars die de hooglanden willen beleven zonder comfort te verwisselen voor authenticiteit.
Voorbereiding en routeplanning

Een degelijke voorbereiding begint altijd bij goede kaarten en betrouwbare navigatieapparatuur. Bestudeer topografische kaarten zorgvuldig om hoogteverschillen, contourlijnen en mogelijke obstakels te herkennen, en gebruik een GPS of telefoon met offline kaarten als aanvulling, niet als enige houvast. Leer je route op papier kennen zodat je in geval van batterijomslag of slecht signaal snel kunt terugvallen op kaartlezen en kompasvaardigheid. Noteer herkenningspunten en alternatieve paden om flexibel te blijven bij veranderende omstandigheden.
Bij het kiezen van routes en dagetappes is realisme cruciaal: bereken afstanden aan de hand van terrein en hoogteverschil in plaats van alleen kaartafstand, want veen, bos of ruig gesteente vertragen aanzienlijk. Plan haalbare etappes met voldoende marge voor rust, fotografie of onvoorziene vertragingen, en bedenk waar tussenstops of bothies beschikbaar zijn voor nood of overnachting. Denk na over start- en eindpunten zodat logistiek en vervoer afgestemd kunnen worden, en respecteer daglichturen; in de herfst en winter zijn dagen korter en eisen dat een andere aanpak dan in de zomer.
Weers- en seizoensfactoren bepalen in hoge mate de veiligheid en het plezier van een tocht. Controleer kort voor vertrek lokale bergweerberichten en de langere termijnverwachting voor het gebied, en houd rekening met snel optrekkende mist, harde wind of sneeuwval in hogere delen. Seizoenen beïnvloeden ook padcondities en toegankelijkheid: najaarsregens kunnen routes modderiger maken, terwijl winterse omstandigheden extra uitrusting en ervaring vereisen. Stel tijdens de planning alternatieve routes op en communiceer je plan met iemand aan huis.
Toegankelijkheid per openbaar vervoer of auto bepaalt de praktische opzet van een wandeling. Veel Munro-startpunten zijn bereikbaar via naburige dorpjes met bus- of treinverbindingen, maar sommige trailheads vragen aanvullende taxirit of een parkeerplaats op afstand. Houd rekening met parkeermogelijkheden en eventuele beperkingen, en plan transferopties indien je eindpunt ver van je beginpunt ligt. Maak bij je tijdsinschattingen ruimte voor navigatie, pauzes en onvoorziene omstandigheden; een ruime planning voorkomt gehaastheid en verhoogt de veiligheid en het genot van de tocht.
Uitrusting en kleding

Goede uitrusting en verstandige kledingkeuze bepalen het verschil tussen een comfortabele tocht en een lastige ervaring. Werk met lagen: een vochtregulerende basislaag, isolerende tussenlaag(s) en een wind- en waterdichte buitenlaag die ademend is. Een warme muts, handschoenen en een lichtgewicht isolatiejack zijn onmisbaar voor rustpauzes en onvoorziene weersverslechtering. Vermijd katoenen kleding; synthetische materialen of wol drogen sneller en behouden isolatie als ze vochtig zijn.
Stevig schoeisel met goede enkelondersteuning en waterdichte eigenschappen is essentieel voor ruig, nat terrein, gecombineerd met passende wandelsokken en eventueel gaiters bij veen of modder. Zorg dat je schoenen ingelopen zijn om blaren te voorkomen. In je rugzak structureer je de belading zodat zware items dicht bij de rug en middenin zitten, terwijl navigatiemiddelen, snacks en regenkleding binnen handbereik liggen. Een regenhoes voor de rugzak en waterdichte zakken voor kwetsbare spullen voorkomen dat alles nat wordt bij plotselinge buien.
Navigatieapparatuur hoort altijd bij de basisuitrusting: een gedetailleerde topografische kaart, kompas en een betrouwbare GPS of telefoon met offline kaarten als back-up. Neem reservestroom mee in de vorm van powerbank en extra batterijen, en oefen met kaartlezen en kompas om niet afhankelijk te zijn van elektronica. Een compacte EHBO-set met pleisters, wondmaterialen, blaarverzorging en persoonlijke medicatie kan bij kleine verwondingen of pijntjes het verschil maken; vul deze aan met materiaal voor noodverbanden en houdt kennis van basis eerste hulp paraat.
Voor verblijf in bothies is lichte maar doeltreffende kampeeruitrusting aan te raden: een thermisch lichtgewicht slaapzak of slaapzakliner en een isolerend matje voor comfort en hygiëne, plus een licht kooktoestel en potje als je eigen maaltijden wilt bereiden, rekening houdend met bothy-regels over brandstof en gebruik van bestaande houtfornuizen. Neem voldoende hoogenergetisch voedsel en snacks mee, en plan waterbevoorrading; draag een waterfilter of zuiveringstabletten als zekerheid bij twijfel over waterbronnen. Een hoofdlamp met reservebatterijen, multifunctioneel gereedschap en kleine reparatiesets ronden de uitrusting af en vergroten je zelfredzaamheid in de bergen.
Veiligheid en bergvaardigheden

Veiligheid in de bergen begint met basale maar beproefde vaardigheden: kaartlezen en kompasgebruik vormen de ruggengraat van betrouwbare navigatie, waarbij een GPS of telefoon met offline-kaarten ondersteunend is maar nooit de plaats van kaart en kompas mag innemen. Oefen het bepalen van je positie aan de hand van herkenningspunten en het lopen op een ingestelde koers, leer afstand inschatten met passen en tijd, en maak routeselecties op basis van terrein en zichtbaarheid in plaats van alleen op afstand.
Weersvoorspellingen interpreteren vraagt zowel het raadplegen van professionele bergweerberichten als het lezen van lokale signalen: snel optrekkende wolken, veranderende windrichting of plotselinge temperatuurdalingen zijn waarschuwingen om je plannen te herevalueren. Mist en slecht zicht vereisen andere technieken; houd je aan vaste oriëntatiepunten, volg hoogtelijnen en ruggengraat in plaats van steile flanken, beperk nachtelijk of onnodig voortzetten en houd inkijk op alternatieve dalingsroutes. In ruig terrein zijn rustige, doordachte voetplaatsing, het gebruik van stokken en een aangepaste pasfrequentie essentieel om blessures en valpartijen te voorkomen.
Noodcommunicatie moet vooraf worden geregeld: laat iemand thuis je route en verwachte tijd weten en neem communicatiemiddelen mee die passen bij het gebied, zoals een mobiele telefoon met opgeladen powerbank en bij voorkeur een persoonlijke locator beacon of satellietmessenger voor gebieden zonder bereik. Weet hoe je een noodoproep formuleert, geef een zo exact mogelijke locatie (bijvoorbeeld een gridreference) en blijf bij gewonde personen tenzij verplaatsen noodzakelijk is voor overleving. Als groepsleider draait veiligheid om tempo en beslissingen die het langzaamste of meest onervaren lid beschermen; regelmatige stops om toestand en vordering te checken, duidelijke instructions en het toewijzen van verantwoordelijkheden versterken samenhang en veiligheid.
Bij ongevallen staan stabiliseren en beschutting voorop: stel vast of er levensbedreigende klachten zijn, stel eerste hulp veilig met beschikbare middelen en beperk warmteverlies terwijl je hulp inroept. Basiskennis van wondzorg, pijnbestrijding, immobilisatie van ledematen en reanimatie verhoogt overlevingskansen en maakt verschil in de eerste uren na een incident. Regelmatige training in kaart en kompas, weerinterpretatie en berg- of EHBO-cursussen helpt deze vaardigheden fris te houden en bereidt je voor op de onvoorspelbaarheid van de hooglanden.
Bothy-etiquette en algemene bergetiquette

Bothy-etiquette begint bij eenvoudige verantwoordelijkheid: laat de ruimte achter zoals je haar zelf zou willen vinden. Ruim afval op, neem verpakkingen en voedselresten mee of berg ze goed op, veeg troep weg en zorg dat beddengoed, slaapzakliners en persoonlijke spullen netjes opgeborgen blijven. Een schone bothy is veiliger en aangenamer voor de volgende bezoekers en draagt bij aan het voortbestaan van deze vaak kwetsbare gebouwen.
Beperk je verblijfsduur tot wat redelijk is voor jouw situatie en de behoefte van anderen; bothies zijn gemeenschappelijk bezit en langdurig bezetten zonder overleg of redelijke nood kan andere wandelaars in de problemen brengen. Schrijf je naam en data in het logboek, noteer bijzonderheden over conditie of schade en lees eerder aantekeningen om nuttige informatie te vinden. Het logboek is niet alleen een souvenir, maar ook een praktische bron voor routes, waarschuwingen en wederzijdse hulp.
Respect voor medegebruikers en landeigenaren staat voorop. Behandel inventaris met zorg, vraag toestemming bij twijfel over privégrenzen en houd rekening met lokale gebruiken en restricties. Als er een houtkachel is, gebruik die dan volgens de instructies: droog hout alleen in kleine hoeveelheden, geen nat groen hout verbranden, laat as en houtresten achter op de daarvoor bestemde plek en ruim alles veilig op. Onjuist stoken kan brandgevaar en schade veroorzaken en ondermijnt het vertrouwen van eigenaren en vrijwilligers die bothies onderhouden.
Houd huisdieren onder controle en wees attent op andere gebruikers; niet iedereen waardeert loslopende honden en in sommige bothies kunnen dieren schade of hygiëneproblemen veroorzaken. Minimaliseer geluid, laat geen licht of afval achter en beperk activiteiten die andere bezoekers of het omliggende land kunnen hinderen. Door respectvol en bedachtzaam te handelen, help je de bothy-cultuur en de bergervaring voor iedereen te behouden.
Regels, vergunningen en lokale gebruiken

In Schotland geldt sinds de Land Reform (Scotland) Act 2003 een ruim recht op toegang tot de meeste land en binnenwateren, zolang bezoekers zich houden aan de principes van verantwoord gedrag zoals vastgelegd in de Scottish Outdoor Access Code. Dat betekent dat je vrij kunt wandelen en wildkamperen binnen die kaders, maar ook dat je verplicht bent respect te tonen voor grondgebruikers, gewassen en de natuur en geen schade te veroorzaken.
De relatie met landeigenaren en jacht- of landbouwbedrijven is essentieel om goed te begrijpen: veel gebieden worden actief beheerd voor veeteelt, hertestalking of wildbeheer, en die activiteiten kennen seizoenen waarin verstoring ernstige gevolgen kan hebben. In het voorjaar zijn schapen lammerend en broedende vogels kwetsbaar, in de late zomer en herfst vinden vaak jacht- en stalkingseizoenen plaats. Bothies staan vaak op privégrond of worden onderhouden door vrijwilligers in samenwerking met landeigenaren; volg altijd aanwijzingen ter plaatse en vraag indien nodig toestemming voor voertuiggebruik op landbouwwegen of parkeerplaatsen.
Hoewel voor de meeste wandelingen geen vergunning vereist is, bestaan er uitzonderingen: bepaalde natuurreservaten, beschermde gebieden en delen van nationale parken kennen by-laws of vergunningen voor kamperen of georganiseerde activiteiten. Ook kunnen tijdelijke afsluitingen of onderhoudswerkzaamheden invloed hebben op toegang en bothystatus. Raadpleeg daarom voor vertrek lokale informatiebronnen zoals nationale parken, NatureScot, de Mountain Bothies Association en de website van de betreffende landgoedbeheerder voor actuele beperkingen en adviezen.
Leer en respecteer lokale gebruiken: sluit poorten achter je, laat vee met rust, houd honden onder controle en volg eventuele instructies van eigenaren of jagers. Gebruik bothies volgens de geldende etiquette, meld schade of onveilige situaties in het logboek en bij de verantwoordelijke instantie, en wees je bewust van parkeer- en verkeersregels op smalle landwegen. Door je aan deze regels en gewoonten te houden, draag je bij aan veilige en goed werkbare relaties tussen bezoekers, gemeenschappen en landeigenaren.
Praktische reisinformatie

Bereikbaarheid hangt sterk af van welke Munro je wilt lopen; de meeste startpunten liggen bij kleine dorpjes of landweggetjes, dus identificeer het dichtstbijzijnde dorp en plan daar je vervoer. Grotere knooppunten zoals Fort William, Aviemore, Inverness of Oban bieden trein- en busverbindingen en van daaruit rijden lokale bussen of taxi’s naar trailheads. Controleer dienstregelingen vooraf, want vooral op weekenden of buiten het hoogseizoen zijn verbindingen beperkt en sommige laatste trajecten vergen een reservering of een taxirit.
Parkeermogelijkheden variëren van officiële parkeerplaatsen met aangegeven capaciteit tot kleine lay-bys en boerenspaden; volg ter plaatse altijd borden en aanwijzingen van landeigenaren en vermijd het blokkeren van toegangspaden of het parkeren op privegrond zonder toestemming. Op drukke dagen kunnen parkeerplaatsen vol raken; zorg dat je auto goed afgesloten is en laat geen waardevolle spullen zichtbaar achter. Informeer voordat je vertrekt naar tijdelijke wegwerkzaamheden of seizoenssluitingen die de toegangswegen kunnen beïnvloeden.
Als bothies bezet of ongeschikt zijn, zijn er alternatieven in de omliggende dorpen: hostels, bunkhouses, B&B’s en campings bieden vaak praktische overnachtingsmogelijkheden en kunnen ook bagageopslag of transport regelen. In populaire gebieden bestaan ook kleine hotels en mountain lodges die snel volboeken in het hoogseizoen, dus vroeg reserveren is aan te raden als je afhankelijk bent van vaste accommodatie. Voor wie flexibel is en de regelgeving respecteert, blijft wildkamperen een optie binnen de Schotse toegangsrechten, mits je verantwoord handelt en de lokale regels naleeft.
Het beste seizoen voor Munro-bagging hangt af van doel en ervaring. De maanden van mei tot september geven doorgaans de meest betrouwbare sneeuwvrije paden en lange daglichturen, hoewel nat weer en midges in sommige gebieden welkom zijn in de zomer. Wintermunro’s tussen november en maart vragen specifieke uitrusting en ervaring met sneeuw, ijs en korte dagen. Houd rekening met variabele weersomstandigheden en pas je planning en tijdsinschattingen aan op seizoen, daglichtduur en lokale voorspellingen.
Aan de slag: checklist en tips voor je eerste Munro

Voordat je aan je eerste Munro begint, doorloop een heldere checklist in je hoofd en op papier: controleer actuele weersverwachtingen en routecondities, pak kaarten (Ordnance Survey of betrouwbare digitale topokaarten) en kompas plus reservebatterijen of powerbank voor je GPS/telefoon, kies passende kledinglagen en ingelopen wandelschoenen, zorg voor voldoende water en energierijk voedsel en neem een compacte EHBO-set en een hoofdlamp mee. Informeer iemand thuis over je route en verwachte terugkeertijd en overweeg een persoonlijke locator beacon of satellietmessenger voor gebieden zonder mobiel bereik. Nota bene: controleer ook bothy-informatie en bereikbaarheid voordat je afhankelijk wordt van een hut.
Voor steun en achtergrondinformatie zijn er uitstekende bronnen: gebruik gedetailleerde kaartseries van Ordnance Survey en online routebeschrijvingen op sites als Walkhighlands, raadpleeg weersinformatie van de Met Office en de Mountain Weather Information Service en bekijk bothy-gegevens via de Mountain Bothies Association. Lokale mountain rescue-teams en de Scottish Mountaineering Club bieden praktische adviezen en vaak ook veiligheidswaarschuwingen; in een noodgeval bel je 999 of 112 en vraag je om mountain rescue als hulpdienst nodig is.
Kies als eerste Munro’s toegankelijke en populaire toppen om ervaring op te doen: Ben Lomond bij Loch Lomond is goed bereikbaar en biedt een duidelijke route, Schiehallion is herkenbaar en relatief overzichtelijk, en de toeristische route naar Ben Nevis geeft een reële indruk van een langere beklimming. Deze bergen zijn drukker en daardoor geschikt voor beginnende baggers, maar onderschat de condities niet; drukte zegt niets over veiligheid bij slecht weer.
Basisadviezen voor succes zijn helderheid in planning en realistische tempo-instelling: vertrek vroeg om daglichtmarge te hebben, houd rekening met terrein en hoogte in je tijdsinschatting, maak heldere afspraken binnen je groep over besluitvorming en keren bij twijfel, en oefen navigatievaardigheden voordat je ver het ruige terrein in gaat. Met zorgvuldige voorbereiding, betrouwbare informatiebronnen en respect voor de omstandigheden wordt je eerste Munro een leerzame en onvergetelijke ervaring.



