Alicante is zo'n stad die je meteen voor je wint. Boven de haven waakt een eeuwenoud kasteel, langs de boulevard wiegen de palmbomen en in de smalle straatjes van de oude wijk ruikt het naar versgebakken brood en gegrilde vis. De zon schijnt hier bijna het hele jaar, en dat merk je aan het ontspannen ritme van de stad. Aan de Costa Blanca versmelten Spaanse tradities en mediterrane levensvreugde tot een bestemming met een eigen karakter.

Welkom aan de Costa Blanca: waarom Alicante een bezoek waard is

Alicante ligt als een levendige havenstad aan het water van de Middellandse Zee en combineert het beste van twee werelden: de ontspannen sfeer van een badplaats en het karakter van een echte Spaanse stad. Hier fietsen schoolkinderen langs de jachthaven, drinken buurtbewoners hun koffie op een zonnig terras en lopen toeristen met blote voeten over het strand van Postiguet, op steenworp afstand van het centrum. Het is een plek waar je niet hoeft te kiezen tussen cultuur en zon, want beide liggen letterlijk om de hoek.

De geschiedenis van de stad is overal voelbaar. Hoog boven de daken waakt het Castillo de Santa Bárbara, een vesting die eeuwenlang door Feniciërs, Romeinen, Moren en Spanjaarden is gebruikt en waar je nu een rondleiding door het kasteel kunt volgen. Beneden slingeren de straatjes van de wijk Santa Cruz zich tussen kleurrijke huisjes door, vol bloempotten en verrassende pleintjes. Ook de musea, kerken en markten vertellen het verhaal van een stad die al eeuwen leeft van handel, zeevaart en gastvrijheid. Wie graag onder de mensen is, vindt in de avonduren een gezellige drukte op de pleinen en langs de boulevard.

Dan is er nog het eten, een reden op zich om naar Alicante af te reizen. De lokale keuken draait om verse vis, rijstgerechten die op een laag vuur zijn gestoofd en kleine hapjes die je op een terras rustig met elkaar deelt. Daarbij hoort een glas lokale wijn of een koele horchata, en na afloop een stukje turrón, de beroemde amandelnoga uit de regio. Wie meer wil weten over de ingrediënten en technieken, kan zelfs een kookworkshop boeken en zo een stukje Spanje mee naar huis nemen.

Dat Alicante zowel voor een weekendje weg als voor een langere vakantie geschikt is, komt door de compacte opzet van de stad. De belangrijkste bezienswaardigheden liggen dicht bij elkaar, zodat je in twee of drie dagen al een mooi beeld krijgt. Blijf je langer, dan nodigen de stranden, de bergdorpjes in de achterlanden en het eiland Tabarca uit tot dagtochtjes die elk een andere kant van de Costa Blanca laten zien. Op deze pagina vind je de mooiste plekken, praktische tips en de beste momenten om te komen, zodat je reis precies zo ontspannen of avontuurlijk wordt als jij wilt.

Het Castillo de Santa Bárbara en de oude stad

Op de berg Benacantil, honderdvierentwintig meter boven zeeniveau, torent het Castillo de Santa Bárbara uit boven Alicante. Het is een van de grootste middeleeuwse vestingen van Spanje en vanaf bijna elke plek in de stad zie je de grillige silhouet tegen de lucht. De oorsprong gaat terug tot de negende eeuw, toen de Moren hier een versterking bouwden. In 1248 veroverde Castilië de burcht en de naam verwijst naar de heilige Barbara, op wier feestdag dat gebeurde. In de eeuwen daarna werd het fort steeds verder uitgebreid om de stad te beschermen tegen piraten en vijandelijke vloten, en later diende het zelfs een tijd als gevangenis.

Wie de vesting binnenloopt, wandelt door stenen poorten, langs kanonnen en over brede bastions met een onbelemmerd uitzicht. Je kijkt uit over de haven, de palmen van de boulevard en de golvende kustlijn, en op heldere dagen zie je in de verte zelfs het eiland Tabarca liggen. In de verschillende zalen vertellen tentoonstellingen over de geschiedenis van het kasteel en de stad. Wil je meer achtergrond en verhalen die je zelf makkelijk mist, dan kun je vooraf een rondleiding door het kasteel boeken. Een gids wijst je op details in de muren, vertelt over de belegeringen en neemt je mee naar hoekjes waar de meeste bezoekers aan voorbijlopen.

Er zijn drie manieren om boven te komen. De gemakkelijkste is de openbare lift, die vanaf de kant van het strand Postiguet in de rotsen is uitgehouwen en je in enkele minuten naar boven brengt. Wandelaars kunnen kiezen voor een slingerende route vanuit de oude stad, die ongeveer een halfuur duurt en onderweg mooie vergezichten biedt. Met de auto rijd je via een weg aan de achterkant van de berg tot vlak bij de ingang, al is parkeren daar beperkt. De toegang tot het kasteel is in de regel gratis, al kan dat per periode verschillen, en de openingstijden wisselen per seizoen. Controleer ze daarom even voor vertrek. Het mooist is een bezoek tegen het eind van de middag, wanneer de zon zachter wordt en de stad onder je goudkleurig kleurt. In de zomer is het 's ochtends bovendien aangenamer, want op de open bastions is weinig schaduw.

Eenmaal weer beneden is het een korte wandeling naar de wijk Santa Cruz, die tegen de helling van de berg is gebouwd. Hier dwaal je door smalle, steile straatjes met trapjes, waar witte en felgekleurde huisjes dicht op elkaar staan. Aan de gevels hangen potten met geraniums en bougainvillea, en overal zie je tegeltjes en versierde deuren. Het is een rustige buurt waar je vanzelf langzamer gaat lopen.

Tussen de huizen liggen kleine pleintjes met een kerkje of een terras, ideaal voor een pauze met een koel drankje of een kopje koffie. Halverwege vind je de Ermita de Santa Cruz, waarvan de ligging prachtig is. Met wat geluk hoor je ergens een gitaar of het gelach van buurtbewoners die op hun stoep zitten. Van hieruit loop je zo door naar de oude binnenstad, waar de volgende bezienswaardigheden op je wachten.

Musea en culturele hoogtepunten

Wie in Alicante meer wil zien dan zon en strand, vindt in de binnenstad drie plekken die samen een mooi beeld geven van de geschiedenis en de creativiteit van de regio. Ze liggen op loopafstand van elkaar, waardoor je ze gemakkelijk in één dag of verspreid over een paar rustige ochtenden bezoekt.

Het Archeologisch Museum van Alicante, kortweg MARQ, geldt als een van de beste musea van de regio en is meermaals onderscheiden als Europees museum van het jaar. Het is gevestigd in een voormalig ziekenhuis vlak achter de Playa del Postiguet. De opstelling voert je in een moderne en toegankelijke vorm van de prehistorie via de Iberische, Romeinse en middeleeuwse tijd tot in de nieuwste tijd. Je ziet er onder meer keramiek, sieraden, gereedschap en reconstructies van opgravingen, aangevuld met interactieve schermen en korte films die ook voor kinderen goed te volgen zijn. Reken op ongeveer twee uur voor een rustig bezoek. De museumzalen zijn airconditioned, dus het is een prima plan voor een hete middag. Omdat het in het hoogseizoen druk kan zijn, kun je het beste vooraf een toegangsticket voor het MARQ reserveren. Zo loop je zonder wachttijd naar binnen en kun je de dag zelf vrij indelen. Op zondag is het museum doorgaans goedkoper of gratis, maar controleer de actuele openingstijden en tarieven altijd even op de officiële website.

Een heel andere sfeer vind je in het MACA, het museum voor hedendaagse kunst, dat in het Casa de la Asegurada zit, een van de oudste burgerlijke gebouwen van de stad uit de zeventiende eeuw. De kern van de collectie bestaat uit werken die de Alicantijnse kunstenaar Eusebio Sempere aan zijn geboortestad schonk, aangevuld met schilderijen en beeldhouwwerken van grote namen als Joan Miró, Pablo Picasso, Salvador Dalí en Juan Gris. Het museum is niet groot, dus met een uur tot anderhalf uur heb je het rustig gezien. Het ligt midden in de oude stad, vlak bij de Plaza de Santa María, en de toegang is in de regel gratis. Op maandag is het gesloten, wat handig is om te weten als je je dagen plant.

Tot slot verdient de Concatedral de San Nicolás de Bari een bezoek, de kathedraal van Alicante, die in de zeventiende eeuw werd gebouwd op de plek van een oude moskee. De sobere, bijna klassieke buitenkant staat in contrast met het binnenste, waar een hoge koepel, zuilen en een barokke kapel je blik naar boven trekken. Opvallend is het gewelfde plafond, waaronder het zacht en koel is, een welkome plek om even tot rust te komen. Ook de kleine kloostertuin is mooi om te zien. Een bezoek duurt gemiddeld een half uur, en de toegang is meestal gratis. Let wel op dat de kerk tijdens diensten en rond de siësta kan sluiten, en dat schouders en knieën bedekt moeten zijn. Wie de kathedraal combineert met een wandeling door de omliggende straatjes, komt vanzelf uit bij een van de gezellige terrasjes aan het plein.

Wandelen langs de Explanada de España en de haven

Er is weinig dat zo Alicante is als een wandeling over de Explanada de España. Deze boulevard loopt als een lint langs de haven en is al sinds het einde van de negentiende eeuw de plek waar de inwoners hun avondwandeling maken. Het opvallendste is de bestrating: zes și een half miljoen kleine tegels in rood, wit en zwart vormen een golvend patroon dat doet denken aan het water ernaast. Je loopt als het ware over de zee zelf. Boven je geven rijen palmbomen schaduw, en overdag is het vooral de combinatie van het kleurrijke patroon, het zachte zeebriesje en de geur van zonnebrand en koffie die de sfeer bepaalt.

Langs de boulevard staan de kiosken met sierlijke dakjes en liggen de terrasjes die uitnodigen om even te blijven zitten. Neem de tijd voor een ijsje bij een van de ijssalons in de zijstraten, of schuif aan voor een koel drankje en een bordje tapas, bijvoorbeeld gebakken inktvisringen, ham of een schaaltje olijven. Het is een plek waar niemand haast heeft. Wie liever rustig wandelt, kan het beste in de vroege ochtend komen, wanneer de lucht nog fris is en de stad net wakker wordt. Hardlopers, honden en ouderen met een krant geven de boulevard dan een bijna dorpse sfeer.

Aan de andere kant van de wandelroute ligt de jachthaven, waar witte zeilboten zachtjes tegen elkaar tikken en de masten tegen de blauwe lucht staan. Vanaf hier kijk je omhoog naar het kasteel op de berg, een beeld dat vooral in de late middag prachtig is. Wil je de kust vanaf het water zien, dan is een boottocht langs de kust een leuke manier om de stad vanuit een ander perspectief te ontdekken. Je vaart langs de skyline, de stranden en de rotsen en proeft de zeelucht die je op het land alleen maar vermoedt. Even verderop, in de richting van het centrum, vind je de overdekte Mercado Central met kraampjes vol vis, fruit, kaas en ham. Het is een prima plek om een picknick samen te stellen of gewoon te kijken hoe de plaatselijke bevolking haar boodschappen doet.

Als de zon zakt, verandert de boulevard van karakter. De lantaarns gaan aan, het mozaïek krijgt een warme glans en families, stellen en vriendengroepen komen naar buiten voor de paseo, de gezellige avondwandeling. Straatmuzikanten spelen, kinderen rennen over de tegels en de terrassen vullen zich langzaam. Het is dan aangenaam druk, zonder dat het hectisch wordt. Een tip is om rond zonsondergang een plekje te zoeken met uitzicht op de haven, een drankje te bestellen en simpelweg te kijken hoe de stad om je heen tot leven komt.

Stranden in en rond Alicante

Wie in Alicante op het strand wil liggen, heeft keuze genoeg, en elk strand heeft een eigen karakter. Dichtbij het centrum ligt de Playa del Postiguet, het stadsstrand waar je vanaf de boulevard in enkele minuten met je voeten in het zand staat. Het is een brede strook goudkleurig zand met uitzicht op het kasteel, en juist die ligging maakt het zo geliefd. Er zijn douches, ligbedden, parasols, strandtenten en toiletten, en het water is ondiep en rustig, wat het strand prettig maakt voor gezinnen met kinderen. Het nadeel is dat het in juli en augustus erg druk kan zijn. Wie hier een plekje wil, komt het beste vroeg in de ochtend of juist laat in de middag, wanneer de dagjesmensen vertrekken en het licht zachter wordt.

Als je naar het noorden rijdt, kom je na een korte tocht bij de Playa de la Albufereta. Dit is een kleiner en rustiger strand, omgeven door een wijk met appartementen en kleine restaurants. Het strand bestaat uit zand en wat steentjes, het water is helder en de sfeer is ontspannen en vooral lokaal. Het is een goede keuze voor wie de drukte van het centrum wil ontlopen, maar toch niet ver van de stad wil zijn. Er zijn voldoende voorzieningen, al is het aanbod kleiner dan bij Postiguet. Het is ook een leuke plek om te snorkelen, omdat de rotsen aan de randen van de baai veel vissen aantrekken.

Nog iets verder, richting Playa de San Juan, wordt het aanbod een stuk groter. Dit is het langste en breedste strand van de regio, met kilometers fijn zand en een brede promenade met winkels, bars en restaurants. Het is een uitstekende plek voor gezinnen, omdat het water geleidelijk dieper wordt en er veel speelruimte is. Ook watersporters komen hier aan hun trekken: er zijn verhuurpunten voor kajaks, suppboards en strandspelletjes, en je vindt er volleybalvelden en fietspaden. Wie van activiteit houdt, kan hier de hele dag zoet zijn. Met de tram, de bus of de auto ben je vanuit het centrum in ongeveer een kwartier tot twintig minuten ter plaatse, al is parkeren in de zomer soms lastig.

Voor wie echte rust zoekt, zijn er in de omgeving kleinere baaien die je niet snel zult vergeten. Ten noorden van de stad liggen rotsachtige inhammen zoals Cala Cantalar en Cala dels Jesuïtes, waar het water kristalhelder is en de drukte gering. Ze zijn minder goed uitgerust, dus neem water, wat te eten en schoenen voor de rotsen mee. Het is er prachtig voor wie wil zwemmen, lezen of genieten van de stilte, en vaak heb je ook nog een mooi uitzicht over de kust. Een lokale tip: kijk altijd even naar de vlaggen op het strand en let op de zon, want die is hier ook buiten de zomer sterker dan je denkt.

Dagtochten vanuit Alicante

Alicante is een uitstekende uitvalsbasis, want binnen een uur of anderhalf uur ben je op plekken die elk een heel andere kant van de regio laten zien. Een van de mooiste uitstapjes is een bezoek aan het eiland Tabarca, het enige bewoonde eiland van de Valenciaanse Gemeenschap. Vanuit de haven van Alicante vaart een boot er in ongeveer een uur naartoe, en je kunt ook vertrekken vanuit Santa Pola, waar de overtocht korter is. Het eiland is klein, autovrij en omgeven door helder water dat een beschermd natuurgebied is. Je wandelt langs witte huisjes en een oude vestingmuur, snorkelt boven zeegrasvelden vol vissen en eindigt aan een tafeltje bij een van de restaurants, waar de vangst van de dag vers wordt gegrild. Wie het gemakkelijk wil houden, kan een boottocht naar Tabarca boeken, zodat de overtocht en de terugreis vooraf geregeld zijn. Vertrek bij voorkeur in de ochtend, want aan het eind van de middag wordt het op het eiland aanmerkelijk drukker.

Wie liever de bergen opzoekt, rijdt landinwaarts naar Guadalest, een dorpje op een rotspunt hoog boven een turkooizen stuwmeer. Het ligt op ongeveer anderhalf uur rijden van Alicante, via een slingerende weg met prachtige uitzichten. Je komt het dorp binnen door een poort in de rotswand en wandelt door smalle straatjes met winkeltjes, kleine musea en een klokkentoren die als herkenningspunt dient. Vanaf de uitkijkpunten kijk je ver over de vallei en de kust in de verte. Omdat openbaar vervoer beperkt is, kiezen veel reizigers voor een dagtocht naar Guadalest, die vaak ook een stop in een ander dorp of bij een waterval omvat. Zelf rijden kan ook, maar de parkeerplekken zijn schaars en het is er vooral in het weekend druk.

Een heel ander gezicht van de kust zie je in Benidorm, op ongeveer drie kwartier rijden naar het noorden. De stad staat bekend om haar wolkenkrabbers en lange stranden, en vormt een levendig contrast met het rustige Alicante. Je kunt er heerlijk een dag aan het zand doorbrengen, over de promenade wandelen of een kijkje nemen in het oude centrum, waar het kerkje op een uitkijkpunt tussen twee stranden staat. Met de tram vanuit Alicante duurt de rit ongeveer anderhalf uur, maar het is een mooie tocht langs de kust. Er zijn ook bussen en een eigen auto is natuurlijk mogelijk.

Rustiger en groener is de palmentuin van Elche, een stad ongeveer twintig minuten met de trein of auto van Alicante. De Palmeral is een UNESCO-werelderfgoed en telt duizenden dadelpalmen, die hier al sinds de tijd van de Moren groeien. Tussen de bomen lopen schaduwrijke paden en kanaaltjes, en in de Huerto del Cura vind je prachtig aangelegde tuinen met cactussen en bloemen. Een bezoek duurt gemiddeld twee uur, en het is een fijn alternatief op een hete dag, omdat het onder de palmen beduidend koeler is. De stad zelf heeft ook een mooi historisch centrum, met een basiliek en een middeleeuwse toren, en is dus goed te combineren met een rustige lunch op een plein.

Eten en drinken: de smaken van Alicante

De keuken van Alicante draait om rijst, vis en de rust om er lang van te genieten. Het bekendste gerecht is arroz a banda, een rijstschotel die in een rijke visbouillon wordt gekookt en pas aan tafel wordt afgemaakt met een schep aioli. De vis wordt vaak apart geserveerd, zodat je eerst de rijst proeft en daarna de vangst van de dag. Daarnaast vind je er caldero, arroz con costra en rijstgerechten met konijn, kip of groenten. Elk restaurant heeft een eigen versie, en juist dat maakt het leuk om meer dan één keer rijst te bestellen. Reken op een lunch die niet voor twee uur 's middags begint en gerust anderhalf uur duurt.

Dichtbij de zee spelen verse zeevruchten uiteraard een hoofdrol. Gamba's uit Denia, gegrilde inktvis, mosselen en gezouten tonijn komen op tafel in kleine porties, bedoeld om te delen. Dat past bij de tapascultuur van de stad: je schuift aan bij een bar, bestelt een glas vermout of een caña en laat de bordjes langzaam aanrukken. Probeer ook de lokale specialiteiten zoals mojama, gedroogde tonijn met olijfolie, en de eenvoudige maar verrassend smaakvolle tomatensalade met ansjovis. Voor het dessert zijn er turrón, de beroemde amandelnoga uit het nabijgelegen Jijona en Alicante zelf, en horchata, een koele, zoete drank van aardamandelen die vooral op warme dagen heerlijk smaakt.

Wie het echte leven achter het eten wil zien, begint bij de Mercado Central, een overdekte markthal in een gebouw uit 1921 met kraampjes vol vis, vlees, fruit, olijven en kaas. Het is er het gezelligst in de ochtend, wanneer de lokale bevolking haar inkopen doet en de verkopers je een stukje meloen of ham laten proeven. Ook de rustiger Mercado de Babel, een kleine eetmarkt met hapjes van verschillende kokkers, is leuk voor een lichte lunch. Voor een avondje uit zijn de straten rond de Plaza de Santa Maria in de oude stad en de gezellige wijk rondom de Calle Castaños een goede keuze, met tapasbars waar je tussen de buurtbewoners staat. Aan de haven vind je restaurants met rijst en vis, vaak met uitzicht op het water. Houd er rekening mee dat Spanjaarden laat dineren: voor negen uur 's avonds is het in veel zaken nog rustig.

Wie de keuken echt wil leren kennen, kan het beste zelf aan de slag. Met een kookworkshop of proeverij leer je onder begeleiding van een lokale kok een paella of een rijstschotel bereiden, inclusief de trucjes voor een goed gekookte rijst. Sommige workshops beginnen met een rondgang over de markt, waar je de ingrediënten zelf uitkiest, en eindigen met een gezamenlijke maaltijd en een glas regionale wijn. Het is een leuke activiteit voor stellen, vrienden en gezinnen, en je neemt bovendien recepten mee naar huis om thuis na te maken.

Klimaat en de beste reistijd voor Alicante

Foto: Sol Ponce op Unsplash

Alicante heeft een mediterraan klimaat en hoort daarmee bij de zonnigste steden van Europa. Er schijnt hier gemiddeld meer dan driehonderd dagen per jaar de zon, en regen valt vooral in een paar korte buien in het najaar en het vroege voorjaar. De zomers zijn heet en droog, de winters mild en helder. Het zijn juist die rustige overgangen tussen de seizoenen die de regio zo aantrekkelijk maken voor reizigers die niet alleen voor het strand komen.

In de zomer, van juni tot en met augustus, loopt de temperatuur overdag vaak op tot dertig graden of meer, en in juli en augustus kan het kwik nog hoger komen. De zee is dan lekker warm, rond de vijfentwintig graden, en de stranden zijn volop in gebruik. Het is ook het drukste en duurste deel van het jaar: Spaanse gezinnen en buitenlandse toeristen vullen de hotels, en de prijzen voor accommodatie en vluchten liggen duidelijk hoger. Plan activiteiten als een bezoek aan het kasteel dan bij voorkeur in de vroege ochtend of aan het eind van de middag, en gun jezelf in de warmste uren een siësta of een uurtje in de schaduw.

De winter is zacht, met dagtemperaturen van zestien tot achttien graden en veel zon. Zwemmen is met een zeewatertemperatuur rond de vijftien graden voor de meeste mensen te fris, maar voor wandelingen, stedentrips en lange lunches op een terras is het ideaal. De stad is dan rustig en de prijzen zijn laag, al zijn sommige strandtenten gesloten. De lente en de herfst vormen daar een mooie tussenvorm van. In april en mei loopt de temperatuur op tot twintig à vijfentwintig graden, en het zeewater is nog fris maar niet onaangenaam. In september en oktober is de zee juist nog warm van de zomer, terwijl de grootste drukte voorbij is en de dagen aangenaam blijven.

Daarom zijn de lente, van april tot juni, en de vroege herfst, in september en oktober, de beste momenten voor een bezoek. Je combineert dan prettige temperaturen met rustigere straten, lagere prijzen en een stad die op haar best is. Wie van feesten houdt, kan juist in juni naar Alicante komen voor de Hogueras de San Juan, rond 20 tot en met 24 juni. Dan worden in de straten enorme kunstwerken van karton en hout neergezet, die in de nacht van 23 op 24 juni onder vuurwerk en muziek in vlammen opgaan. Het is een indrukwekkend en luidruchtig spektakel, maar boek wel ruim van tevoren, want de stad is in die dagen goed gevuld.

Praktische reistips voor Alicante

Alicante is gemakkelijk te bereiken. Het vliegveld Alicante-Elche ligt ongeveer tien kilometer ten zuiden van het centrum en heeft veel rechtstreekse verbindingen met Nederland en België. Met de stadsbus (lijn C-6) ben je in ongeveer twintig minuten in het centrum, een taxi kost een vast bedrag en doet er ongeveer een kwartier over. Reis je over land, dan rijden er treinen en bussen vanuit Madrid, Valencia en Barcelona naar het station in het centrum. De hogesnelheidstrein vanuit Madrid doet er ruim twee uur over, en de bus is een voordelige keuze voor kortere afstanden langs de kust.

In de stad zelf loop je het meeste. De oude stad, de boulevard en de haven liggen dicht bij elkaar, en de steile straatjes van Santa Cruz zijn alleen te voet te doen. Voor langere afstanden zijn er stadsbussen en een tram die langs de kust naar Playa de San Juan en verder naar Benidorm rijdt. Een auto is in de stad zelf eigenlijk niet nodig, want parkeren is duur en de straten zijn smal. Wil je afgelegen baaien of bergdorpjes bezoeken, dan kan een huurauto voor een dag wel handig zijn.

Wat verblijf betreft is er voor elk budget iets te vinden. Backpackers en wie zuinig wil reizen, vinden eenvoudige hostels en pensions in de oude stad, vaak op loopafstand van het strand. Voor een middenbudget zijn er veel kleine hotels en appartementen rond het centrum en de boulevard, terwijl luxere hotels met dakterras en zwembad vooral bij de haven en aan het strand van Postiguet liggen. Wie rust zoekt, kiest voor een appartement bij Playa de San Juan. Boek in juli en augustus ruim van tevoren, want dan zijn de betere adressen snel vol.

Een paar lokale gewoonten maken je verblijf prettiger. Spanjaarden eten laat: lunch begint rond twee uur en diner pas na negen uur, en veel kleinere winkels sluiten tussen twee en vijf uur voor de siësta. Fooi is niet verplicht, maar een paar euro of het afronden van de rekening wordt gewaardeerd. Alicante is over het algemeen veilig, al komt zakkenrollerij voor op drukke plekken en op het strand. Laat dus geen waardevolle spullen onbeheerd achter. Drink voldoende water en smeer je ook in de lente goed in, want de zon is sterker dan je denkt.

Heb je drie dagen, dan is de volgende indeling een prettige opzet. Begin op de eerste dag met het kasteel in de ochtend, wandel daarna door Santa Cruz en de oude stad en sluit af met een wandeling over de Explanada. Reserveer de tweede dag voor een uitstapje, bijvoorbeeld naar Tabarca of Guadalest. De derde dag is een rustige dag voor de musea, een bezoek aan de Mercado Central en een middag op het strand, met een tapasavond als afsluiter.

Alicante in een notendop: een stad die blijft trekken

Foto: Faisal op Unsplash

Wie Alicante bezoekt, merkt al snel dat deze stad meer te bieden heeft dan zon en zee. De geschiedenis ligt hier letterlijk op straat: van de vesting op de Benacantil, die al eeuwenlang over de haven waakt, tot de smalle steegjes van Santa Cruz en de rustige binnenplaatsen van de oude stad. Wie de tijd neemt om een rondleiding door het kasteel te volgen, ontdekt hoe veel lagen deze plek heeft en hoe sterk het verleden nog doorwerkt in het dagelijks leven van de inwoners.

Het uitzicht is daarbij een vaste metgezel. Vanaf de bastions kijk je over de daken, de jachthaven en de golvende tegels van de Explanada, en 's avonds, als het licht zachter wordt, lijkt de hele kust te gloeien. Tussen die wandelingen door is er altijd een strand binnen handbereik: het stadsstrand van Postiguet voor een snelle duik, de ruime zandstroken van San Juan voor een volle dag, en de kleine baaien in de omgeving voor wie liever in stilte naar de golven luistert. Het zachte klimaat, met warme zomers en milde winters, zorgt ervoor dat dit alles bijna het hele jaar mogelijk is.

Ook aan tafel laat de stad zich van haar beste kant zien. Een rijstgerecht dat op een laag vuur is bereid, een bordje verse vis, een stukje turrón bij de koffie of een koele horchata op een hete middag: elke maaltijd is een kleine kennismaking met de streek. Wie dat nog verder wil verdiepen, kan zich aanmelden voor een kookworkshop of een tocht langs de markt, en zo een stukje Alicante mee naar huis nemen. Daarnaast bieden de dagtochten naar Tabarca, Guadalest of de palmentuin van Elche telkens een heel ander gezicht van de regio.

Juist die combinatie maakt Alicante zo veelzijdig. Je kunt er een weekend lang van cultuur en terrasjes genieten, of een hele vakantie afwisselen tussen strand, bergen, musea en eilanden, zonder dat het ooit gehaast aanvoelt. De stad is compact, vriendelijk en makkelijk te bereiken, en ze past zich aan bij wat jij zoekt, of dat nu rust, avontuur of lekker eten is. Het is een plek waar je met een glimlach aankomt en nog lang aan terugdenkt. Kies dus een moment dat bij je past, pak je zonnebrand in en begin vast met plannen: de Costa Blanca wacht op je.

Populairste trips in Spanje

Recente blogs over Spanje

Populairste activiteiten in Spanje

Even geduld a.u.b.

De pagina wordt geladen...